Pannenkoekjestaart met roomkaasvulling en bosbessen

We kennen allemaal koekjestaart. Maar waarom eens geen pannenkoekjestaart? Je maakt ook laagjes, met daartussen een vulling, maar de laagjes zijn gemaakt van pannenkoek. Ik gebruik voor dit recept een kleine pan, omdat ik daar de vorm van de pannenkoeken consistenter kan houden. En je wil natuurlijk voor elke laag dezelfde vorm hebben. Vandaar dus ook “pannenkoekjes”.

Met onderstaand recept kan je 2 taartjes maken met elk vijf pannenkoeken. Het is een behoorlijk zwaar dessert, dus als je maar met twee bent (en nog iets anders ervoor gegeten hebt) dan is het beter om er maar de helft van te maken. Of om er twee keer van te eten, zoals wij doen.

Pannenkoekjestaart met roomkaasvulling en bosbessen

Ingrediënten

  • 250 g zelfrijzende bloem
  • 500 ml sojamelk (eventueel kan je vanillesmaak gebruiken voor een zoetere taart)
  • 250 g roomkaas: gekoeld
  • 175 g bloemsuiker
  • 70 g boter: op kamertemperatuur + extra om te bakken
  • een bakje bosbessen

Recept

Mix de bloem met de sojamelk tot pannenkoekendeeg. Verhit een beetje boter in de pan en bak er één voor één de pannenkoekjes in. Met deze hoeveelheid deeg krijg ik mijn kleine pan tien pannenkoekjes gebakken. Zorg ervoor dat je minstens 2 dikkere pannenkoeken hebt. Die worden de bodemlaag.

Laat de pannenkoeken volledig afkoelen.

Maak ondertussen de vulling. Snij de boter in zo klein mogelijke brokjes, maar verwarm ze niet in de microgolf om ze zachter te maken. Als je ze al uit de koelkast gehaald hebt voor je aan de pannenkoeken begon, is ze zeker zacht genoeg. Voeg de suiker en roomkaas toe en klop tot een egaal deeg. Proef om te zien of het mengsel zoet genoeg is voor jou. Zo niet, voeg nog wat extra suiker toe.

Leg een dikke pannenkoek als bodemlaag. Besmeer met roomkaasvulling. Leg de volgende pannenkoek erop en besmeer opnieuw. Doe dit tot de helft van je pannenkoeken op zijn. Eindig met een goed dikke laag vulling. Doe hetzelfde voor je tweede taartje. Strooi of leg tenslotte de bosbessen op de bovenkant. Als je wil kan je er nog figuurtjes mee maken.

Zet de taart een paar uur in de koelkast, zodat de vulling kan opstijven. Serveer recht uit de koelkast.

Smakelijk!

Extra tips

  • Gebruik veganistische roomkaas (bv Tofutti) voor een volledig plantaardige versie van dit dessert
  • Je kan ook bosbessen tussen de laagjes leggen, maar dan wordt de stapel onstabieler. Als je toch meer bosbessen erin wil verwerken kan je ze best door de topping mixen. Voeg dan ook wat extra boter toe om het extra vocht van de besjes te compenseren.
  • Dit is uiteraard maar één van de vele mogelijke varianten van pannenkoekjestaart. Experimenteer met jouw favoriete vulling en topping.
Advertenties

Kopcake: een cake maken op 5 minuten

Wie kent het niet. Regenachtige avond, onder een dekentje in de zetel en dan plots voel je het. Je hebt trek in cake. Maar je hebt er geen in huis en helemaal geen zin om er te maken.

Kopcake to the rescue!

Als je onderstaande ingrediënten in huis hebt, kan je op 5 minuten (of zelfs minder) je cakenoden bevredigen. Met dank aan het wonder der microgolf.

Oh ja, deze cake kan enkel bestaan, net omdat ze vegan is. Omdat je geen ei nodig hebt, kan je alle andere ingrediënten in kleinere hoeveelheden dan bij een traditionele cake gebruiken. Hoera voor plantaardig dus!

Ingrediënten

  • 2 tl kokosboter/olie
  • 3 el zelfrijzende bloem
  • 3 el kandijsuiker
  • 2,5 el (soja)melk
  • 1 goed gevulde el cacoapoeder

Smelt de boter in een koffiemok in de microgolf (of gebruik gewoon vloeibare olie). Let op dat ze niet begint te pruttelen.

Voeg de bloem, suiker, melk en cacaopoeder toe. Meng goed, tot er geen brokjes meer inzitten.

Zet de kop in de microgolf en verwarm 50 seconden op 900 Watt en hoppa! Kopcake!

Extra tips

De cake is het lekkerst als ze nog warm is. Dus kruip er maar meteen terug mee onder je dekentje.

Voor een amandelversie van deze instantcake, vervang je de lepel cacaopoeder door een lepel amandelpoeder. De sojamelk kan je ook door amandelmelk vervangen voor nog een extra amandelsmaakje. Als je écht decadent wil doen — en waarom ook niet? — kan je er nog wat amandelschilfers bovenop strooien.

De baktijd kan uiteraard verschillen per microgolf. Vertrek van 50 seconden en doe er telkens 10 seconden bij als de cake nog niet gebakken is. Je kan dit testen door er met een spaghetti in te prikken. Het centrum mag nog een klein beetje nat zijn. Doe niet te veel extra seconden tegelijk, want de cake krijgt heel snel een verbrand smaakje.

Smakelijk!

Getest en goedgekeurd: speculoospudding van Alpro

Alpro is bezig met een complot tegen mijn achterwerk.

Speculoospudding Alpro

Het bewijs

Sinds enkele weken verkopen ze ook speculoospuddinkjes. Hoe kan ik mij dan nog aan mijn goede voornemens houden?

Ik zag ze voor het eerst tussen de aankopen van een andere klant aan de kassa. Jammer genoeg was ik net aan de beurt en kon ik niet meer terug om ook een pakje te gaan halen. Daarna heb ik er in verschillende winkels naar gezocht, maar ze waren nergens te vinden. Gelukkig vond ik er vandaag in de Delhaize.

De pudding is zoals je dat van Alpro mag verwachten: lekker, smeuïg en volledig vegan. De speculoossmaak is gebaseerd op kandijsuiker, zoals die van Lotus, maar smaakt niet te zoet. En de geur is heerlijk, bijna exotisch. Love it!.

To zover dus mijn pogingen tot diëten…

Zoals gezegd, voorlopig heb ik ze alleen nog maar in de Delhaize gevonden. Meer info op de website van Alpro

Pindacupcakes

Het klinkt voor velen vreemd: pindakaas op een cupcake. Maar geloof me, deze romige topping is de ideale combinatie van zoete en notige smaak. Een beetje zoals de M&M bovenop…

Tip: gebruik volle roomkaas voor de topping. Die is meestal dikker dan magere roomkaas en heeft dus een betere consistentie om vormpjes mee te maken.

Ingrediënten (voor 12 cupcakes)

  • 125 g boter
  • 20 g zwarte chocolade: in stukjes
  • 20 g cacaopoeder
  • 100 g bloem
  • 2 eieren
  • 125 g rietsuiker
  • 200 g roomkaas
  • 150 g pindakaas
  • 75 g bloemsuiker
  • Eventueel M&M’s ter decoratie

Recept

Verwarm de oven voor op 190°C.

Smelt de boter in een grote kom. Meng de rietsuiker, eieren, bloem en cacao erdoor. Blijf roeren tot je een egale massa hebt. Meng er dan de chocoladestukjes door.

Plaats papieren vormpjes in een cupcake of muffinbakplaat. Giet er het deeg in. Bak de cupcakes zo’n 10 à 12 minuten.

Een simpele manier om te testen of de cupcakes klaar zijn is door er met een breinaald in te prikken tot op de bodem. Als die er terug uitkomt zonder dat er nog deeg aanplakt, zijn de cupcakes klaar. Indien je geen breinaald hebt — zoals ik — dan kan een spriet (gedroogde) spaghetti even goed dienstdoen.

Terwijl de cupcakes in de oven staan, maak je de topping klaar. Meng de roomkaas, pindakaas en suiker. Proef of het zoet genoeg is. Zoniet, kan je er nog wat extra suiker bijvoegen. Doe het mengsel in een spuitzak met een decoratiepunt naar keuze.

Laat de cupcakes volledig afkoelen op een rooster voor je de topping erop spuit. Eenmaal ze afgekoeld zijn mag je naar hartelust torentjes, kringtjes, bloemetjes en andere decoraties spuiten. Ik vind het zeer leuk om er als afwerking nog een M&M (met pinda!) op te zetten. Let wel op dat je dit niet te lang op voorhand doet, maar vlak voor je ze serveert. De kleur van de M&M kan anders beginnen uit te lopen.

Smakelijk!

Chocoladecupcakes

Oftwel: de ultieme chocolade decadentie onder de cupcakes: chocoladestukjes en cacao in het deeg én een chocolade-roombotertopping bovenop. Niet geschikt voor diëtende medemensen!

Ingrediënten (12 cupcakes)

  • 25 g zwarte chocolade: in stukjes gehakt
  • 300 g boter
  • 50 g cacaopoeder
  • 2 eieren
  • 125 g suiker
  • 100 g zelfrijzende bloem
  • 350 g bloemsuiker
  • eventueel bijkomende decoratiestukjes

Recept

Verwarm de oven voor op 190°C.

Smelt 125 g boter in een grote kom. Meng de rietsuiker, 10 g cacaopoeder, eieren en bloem erdoor. Blijf roeren tot je een egale massa hebt. Meng er ook de chocoladestukjes door.

Plaats papieren vormpjes in een cupcake of muffinbakplaat en giet er het deeg in. Bak de cupcakes zo’n 10 à 12 minuten.

Aangezien dit chocoladecupcakes zijn, kan je niet vertrouwen op de bruingebrande tint. Een simpele manier om toch testen of je cupcakes gebakken zijn, is door er met een breinaald in te prikken tot op de bodem. Als die er terug uitkomt zonder dat er nog deeg aanplakt, zijn de cupcakes klaar. Indien je geen breinaald hebt — zoals ik — dan kan een spriet (gedroogde) spaghetti even goed dienstdoen.

Maak de topping terwijl de cupcakes in de oven staan. De overgebleven boter moet op kamertemperatuur zijn, maar mag niet gesmolten worden. Meng er de bloemsuiker en het cacaopoeder onder. Vul er een spuitzak met decoratiepunt naar keuze mee.

Laat de cupcakes afkoelen op een rooster. Pas als ze helemaal koud zijn mag je de topping erop spuiten. Qua decoratie kan je helemaal kiezen wat je doet. Ikzelf heb voor deze cupcakes de bovenkant eraf gesneden en het resulterende dakje in twee gesneden. Daarna spoot ik een basis roomboter, waarin ik de stukjes cake als vleugels plaatste. Tussenin spoot ik nog een streepje extra roomboter.

Ook leuk is om het dekseltje heel te laten. Bespuit de hele bovenkant van de cupcake met roomboter en leg het dekseltje erop. Eventueel kan je onder het deksel nog een verrassing verbergen, zoals bijvoorbeeld de gekleurde bolletjes (gepofte rijst) op de foto.

Smakelijk!

Bosbessencupcakes

Cupcakes zijn de ultieme schattige dessertjes. En roze cupcakes zijn dan weer het summum van schattigheid binnen de cupcakewereld. Deze natuurlijk roze kleur krijg je dankzij bosbessensap.

Tip: gebruik geen bosbessensiroop. De topping is sowieso al erg zoet. Bosbessen(dik)sap kan je vinden in de bioshop en in sommige supermarkten.

Ingrediënten (12 cupcakes)

  • 70 g diepvriesbosbessen: ontdooid
  • 2 el bosbessensap
  • 125 g rietsuiker
  • 250 g bloemsuiker
  • 350 g boter
  • 125 g zelfrijzende bloem
  • 2 eieren
  • extra decoratie-items

Recept

Verwarm de oven voor op 190°C.

Smelt 125 g boter in een grote kom. Meng de rietsuiker, eieren en bloem erdoor. Blijf roeren tot je een egale massa hebt. Lepel er dan voorzichtig de bosbessen door. Het sap dat bij het ontdooien vrijkomt mag ook bij in het deeg. Als je het niet te hard mengt krijg je nog leuke visuele effectjes gratis en voor niets erbij.

Plaats papieren vormpjes in een cupcake of muffinbakplaat. Giet er het deeg in. Bak de cupcakes zo’n 10 à 12 minuten. Vertrouw niet op de baktijd, maar op je eigen instinct. Als ze er mooi bruin uitzien zijn ze waarschijnlijk klaar. Een simpele manier om dat te testen is door er met een breinaald in te prikken tot op de bodem. Als die er terug uitkomt zonder dat er nog deeg aanplakt, zijn de cupcakes klaar. Indien je geen breinaald hebt — zoals ik — dan kan een spriet (gedroogde) spaghetti even goed dienstdoen.

Terwijl de cupcakes in de oven staan, maak je de topping klaar. De resterende boter moet op kamertemperatuur zijn, maar mag niet gesmolten worden! Meng er het bosbessensap en de suiker door. Als de topping te vloeibaar is kan je er wat extra boter in doen, is ze te hard dan mag er wat meer bosbessensap in. Doe het mengsel in een spuitzak met een decoratiepunt naar keuze.

Laat de cupcakes volledig afkoelen op een rooster voor je de topping erop spuit. Anders smelt de boter en heb je een esthetisch niet bepaald aantrekkelijke rommel als resultaat. Eenmaal ze afgekoeld zijn mag je naar hartelust torentjes, kringtjes, bloemetjes en andere decoraties spuiten. Als afwerking gooi ik er nog wat Prinses Lillifee decoratie van Dr. Oetker over, maar dat hoeft natuurlijk niet. Alles kan en alles mag.

Smakelijk!

Amandelcupcakes

Er zitten wel wat meer noten in deze cupcake, maar de dominante smaak is toch amandel. Aangezien er geen echte romige topping op zit is deze cupcake aan de relatief lichte kant. Al blijft het natuurlijk nog steeds een dessert.

Ingrediënten (12 cupcakes)

  • 25 g walnoot: gehakt
  • 25 g cashewnoten: gehakt
  • 25 g amandelschilfers
  • 125 g rietsuiker
  • 125 g boter
  • 125 g zelfrijzende bloem
  • 2 eieren
  • eventueel 1 pakje amarettosuiker (Tienen)

Recept

Verwarm de oven voor op 190°C.

Smelt de boter in een grote kom. Meng de rietsuiker, eieren, bloem en eventueel amarettosuiker erdoor. Blijf roeren tot je een egale massa hebt.

Plaats papieren vormpjes in een cupcake of muffinbakplaat en giet er het deeg in. Strooi de noten erover en druk deze een klein beetje in het deeg, zodat ze vastzitten.

Bak de cupcakes zo’n 10 à 12 minuten. Vertrouw niet op de baktijd, maar op je eigen instinct. Als ze er mooi bruin uitzien zijn ze waarschijnlijk klaar. Als de noten al zwart zien, ben je te laat.

Een simpele manier om te testen of je cupcakes gebakken zijn, is door er met een breinaald in te prikken tot op de bodem. Als die er terug uitkomt zonder dat er nog deeg aanplakt, zijn de cupcakes klaar. Indien je geen breinaald hebt — zoals ik — dan kan een spriet (gedroogde) spaghetti even goed dienstdoen.

Tip: de noten branden gemakkelijk aan. Om dit enigszins tegen te gaan kan je een vuurvast bakje met water bij in de oven zetten.

Laat de cupcakes afkoelen op een rooster. Bewaak ze goed, want voor je het weet zijn ze verdwenen in de maag van een “toevallige” voorbijganger.

Smakelijk!

Flower towers

Eigenlijk is dit gewoon koekjestaart. Maar dan fancy. Als je meer porties maakt dan hieronder beschreven is het zeker de moeite om het citroensap door rasp van een citroenschil te vervangen. Voor kleinere porties moet je het zelf afwegen of je het de moeite vind om er een citroen voor in huis te halen. Voor 16 stuks gebruik ik de schil van 1 citroen met nog een theelepel extra citroensap.

Ingrediënten (voor 2 torentjes)

6 ronde (volkoren)koekjes
15 g boter
15 g bloemsuiker
Een druppeltje citroensap
4 aardbeien
(soja)melk

Recept

Smelt de boter op de laagste stand in de microgolf. Hou ze goed in de gaten, want ze mag niet beginnen te borrelen. Meng de boter en suiker en roer er een sprankeltje citroensap door.

Doe een klein beetje melk in een bord. Drenk er een koekje in. Smeer hierop een laagje botermengsel. Drenk weer een koekje en dek er het boterlaagje mee af. Smeer er weer een laagje op. Bedek met nog een gedrenkt koekje en sluit af met een laagje botermengsel.

Neem de twee kleinste aardbeien. Snij het topje er vanaf. Dit wordt het hart van de bloem. Snij de rest van de twee aardbeien in zeer dunne plakjes. Halveer deze, zodat je halve schijven krijgt. Neem de andere aardbeien en snij ze in iets dikkere plakjes en halveer ook deze.

Plaats de topjes in het midden van de torens. Schik de dikkere aardbeischijfjes rond de buitenrand van de toren. Steek de dunnere plakjes tussen de top en de dikkere plakken. Zet ze zoveel mogelijk rechtop, zo lijkt het resultaat op een openstaande bloem.

Laat een paar uur in de koelkast afkoelen, zodat het botermengsel weer stevig wordt.

Smakelijk!

Getest en goedgekeurd: nieuwe Provamel smaakjes

Een tijdje geleden al berichtte ik over hoe geweldig ik yofu wel vond. Ondertussen heeft Provamel twee nieuwe smaakjes op de markt gebracht: appel – groene thee en appelsien – banaan. Tijd voor een testje dus…

Appel –  groene thee

De “appel – groene thee”-variant sprak me van concept minder aan, omdat ik niet zo’n grote liefhebber van groene thee ben. Gelukkig viel dat best mee. Er zit wel een thee-ig nasmaakje in, maar het smaakt toch voornamelijk naar appel. Een minpuntje wel: er zitten stukjes appel in. Ik hou niet van stukjes in mijn yoghurt —tenzij ik ze er net zelf vers ingesneden heb—, dus dat mogen ze van mij nog aanpassen. Al zijn er natuurlijk heel wat mensen die dat wel graag hebben.

In zijn geheel dus wel geslaagd voor de smaaktest, maar naar mijn smaak zeker niet de beste uit het gamma. Wel lekker fris, dus als afwisseling is hij wel leuk. Mijn vriend —wel een theelover— vond hem trouwens zeer lekker.

Appelsien – banaan

Eerst en vooral: hoera voor de naam. “Appelsien” spreekt mij veel meer aan dan “sinaasappel”. Al moet ik zeggen dat dit weinig relevant is voor de smaakttest. Maar toch… Tip voor Provamel trouwens: in “appelsien” is een belgicisme. Misschien op termijn de naam aanpassen op de Nederlandse verpakking?

En nu: linguist-marketeer-modus: AF.

Dit smaakje was al meer mijn ding. Als ik ’s morgens toevallig gelijktijdig een sapje pers en yofu als ontbijt neem, dan meng ik steevast wat appelsiensap door mijn bord. En deze yoghurt smaakt net hetzelfde. Niet zo artificieel als veel andere fruityoghurts. De banaansmaak is veel minder dominant, maar nog steeds duidelijk aanwezig.

Ook in deze zitten stukjes. Dat zal de “vezel” zijn waarnaar ze verwijzen op de verpakking. Ze storen me minder dan de appelstukjes in de andere yofu, maar ik blijf me toch afvragen of ze niet vooral een marketingtruc zijn.

Soit: lekker dus. Jammer dat deze niet in megapotten komt, maar dat zullen we wel overleven zeker?

En verder

Leuk om te weten: de verpakking van de potjes is 100% recycleerbaar. Goed, dan hoef ik me minder schuldig te voelen voor mijn hoog consumptietempo. Je kan het karton dat rond de grote potten zit er gemakkelijk afdoen, zodat je nog beter kan sorteren. Ook daar is aan gedacht.

Zoals steeds zijn de Provamelproducten in de Bioshop te vinden.

Polentakoekjes met chocoladestukjes

Dit is een variant op de klassieke koekjes met chocoladestukjes. Die zijn natuurlijk ook lekker, maar de polenta in deze versie geeft ze een iets andere smaak en een beetje meer knapperigheid. Of wat onze copywriter op het werk ervan maakte: “heerlijke bruingebakken knapkoek met funky chocoladesnippers”.

Ik gebruik in dit recept rietsuiker, omdat dat een mooi effect geeft in de afgewerkte koekjes. Je ziet er soms echt stukjes glinsterende suiker in. Als je een donkerder koekje wil kan je de rietsuiker vervangen door nog eens 100g kandijsuiker. Om ze helemaal donker te maken (leuk in combinatie met witte chocoladestukjes), kan je een 25g (extra) chocolade laten smelten en door het deeg mengen.

Onderstaande hoeveelheden zijn voor zo’n vijftien grote koekjes. De onvermijdelijke happen rauw koekjesdeeg zitten daar al bij ingerekend …

Ingrediënten

100g polenta
230g bloem
100g rietsuiker
100g kandijsuiker
150g boter
2 eieren
50g chocolade: in kleine blokjes gehakt. Welk type mag je helemaal zelf kiezen

Recept

Verwarm de oven voor op 170°C.

Als de boter niet zacht genoeg is om zo te mengen, kan je ze even in de microgolf laten opwarmen (15 seconden). Meng de Boter, bloem, suiker en eieren in een kom, tot er niets meer aan de rand blijft plakken.

Je kan de chocoladestukjes er al door mengen, maar ik heb gemerkt dat als ze onderin het koekje zitten, ze nogal snel aanbranden. Ik strooi ze er dus pas op het einde bovenop.

Leg een vel bakpapier op een bakplaat en maak daarop hoopjes deeg ter grootte van een goed gevulde eetlepel. Leg ze ver genoeg van elkaar, want het deeg loopt tijdens het bakken nog even uit. Het balletje kan wel dubbel zo breed worden. Bak desnoods een paar porties achter elkaar.

Als je de stukjes nog niet onder het deeg gemengd had, leg je ze er nu bovenop. Zorg dat ze niet te veel aan de rand zitten, zodat ze zeker niet in contact komen met de bakplaat.

Zet de koekjes 12 minuten in de oven en haal ze eruit als ze goudbruin zijn. Soms zijn ze nog niet helemaal stevig als ze uit de oven komen, dus laat ze een paar minuten afkoelen op de bakplaat. En dan, aanvallen!

Smakelijk!

« Older entries